zaterdag 11 september 2021

Akkrum 3

Het zijn van die plekjes die je voor eeuwig in je hart sluit, zeker na een vaarzaam leven, zoals wij hebben gehad. We piekeren ons beide suf, maar kunnen niet achterhalen wanneer wij hier in de haven hebben gelegen.  Wat we wel weten is dat dit ver voor onze laatste boot is geweest.

Wat wij nog wel weten is de prachtige Coopersburg, dus moeten we daar weer even naartoe. De in Akkrum geboren Folkert Harmens Kuipers emigreerde naar Amerika en liet zich daar als Frank Cooper naturaliseren. Hij was een succesvol zakenman. In 1900 liet hij naar ontwerp van de gemeentearchitect F. Hoekstra een tehuis bouwen voor arme ouderen. Het gebouw heeft een middenpartij met twee woningen en een regentenkamer en twee rijen van elk tien woningen aan weerszijden. Na het overlijden van Frank Cooper (1843-1904) werd in 1906 in de tuin een mausoleum gebouwd. 

sitte yn e rige..... en dan mar lige

De niet Friesen herkennen ook hier wel een leugenbankje in, de tekst boven het bankje luidt dan ook;

"Zitten op een rij..... en dan maar liegen" 

tja, en dat rijmt niet, dus po√ętisch  als ik ben; 

"Zittend op een rij..... en laat de waarheid dan maar vrij"

Maar U merkt het al wel, het mist dan ten ene male de kracht van de Friese taal.


Niet alleen de armen zijn en/of waren goed bedeeld in Akkrum, ook "gevallen" vrouwen werd de helpende hand geboden door het bouwen van Welgelegen.

Welgelegen werd in 1924 gesticht door Suster van der Vegt. De rij woningen voor ongehuwde vrouwen en weduwen werd in 1928 gebouwd naar ontwerp van architect S.F. Hoekstra (zijn vader was architect van Coopersburg). Het gebouw met expressionistische kenmerken heeft, net als de Cooperburg, twee vleugels met elk 5 woningen.

Op het terrein van Welgelegen stond al een achtkantige theekoepel uit de 18e eeuw. De tuin werd in 1929 aangelegd naar ontwerp van W.J. Verdenius. Het gebouw, de theekoepel en de tuin zijn rijksmonumenten.








En dan nog even een, achteraf, hilarisch moment als we aan de waterkant "Twee Gezusters" zien liggen. Hoofd-varen heeft even het idee dat dit het schip is dat, jaren geleden, door onze zeilclub voor een weekeinde is gehuurd. Rechtop zitten was niet mogelijk, tenzij je op een laag kistje ging zitten. Terwijl ik een foto neem, vaart achterlangs "de Trouwe Hulp" en er ontstaat een Babelonische spraak- en gedachte verwarring.
Met de Trouwe Hulp, van Derk-Jan, is onze, inmiddels bejaarde, zeilclub rond 10 jaar op pad geweest. Na verkoop werd er gevaren met "de Vlieter" met Jan Rijswijk. Ik had het al eerder over de "Slietoasje an't benul" en dat doet hier weer opgeld. Alles wordt door elkaar gehaald en er ontstaat een gesprek wat in een stuk van Shakespeare niet zou misstaan.
"Ha, die Jan, hoe gaat ie?", "Ja, prima, hoe gaat het met jou?", "Hartstikke goed", "We praten binnenkort even bij" roept de schipper nog vanaf de langzaam voorbij varende Tjalk en blijft ons nog lang nakijken.

Als wij weer weg wandelen, komt het benul weer een beetje "op e rige" op een rijtje. "Verdorie", roep ik vol ontzetting, Derk-Jan voer op de Trouwe Hulp en Jan op de Vlieter. 

Ik hoop maar, dat "Jan" dit gesprekje van zich af kan zetten en niet zijn hele oude kennissenkring rond gaat bellen.

Geen opmerkingen: