zondag 2 juni 2024

Pont-a-Mousson

Laat ik maar met het meest slechte nieuws beginnen. Bij het laatste Peage station vlak voor Nancy, tik ik met de achterbumper, die 1 cm uitsteekt, een betonnen blok. Het is één droge tik en Ali vraagt: "Even stoppen om te kijken?" Ach, het was een tikje, sus ik mezelf en we rijden door.

Op de camperplaats in Pont-a-Mousson betrekt Ali haar gezicht, als ze mij begeleidt bij achteruitrijden.

Het hele achterlicht bungelt er, aan de draden hangend, zielig bij. Het is een desastreus gezicht en ik maak me zorgen hoe dit verder moet. Maar Ali pakt de Duct Tape. Vakkundig wordt het achterlicht weer aan de rest van de camper geplakt.

Ali durft te beweren, dat "als het zo blijft zitten het van haar niet gerepareerd hoeft te worden!" De vrouw wordt bij de dag "ruiger." Bij controle blijkt dat alle verlichting het nog doet, "over mazzel gesproken."

Gisteren schreef ik al over het (mis) gebruik maken van de beschikbare ruimte op de camping en als iedereen dit gedrag zou hebben, de camping snel vol zou raken. Alsof het zo heeft moeten zijn, de camping stroomt gisteravond zo vol, wat wij nog niet hebben meegemaakt. Wat normaal een doorgang zou moeten zijn, wordt nu ook in gebruik genomen. Hier en daar verzamelen zich groepjes mensen, die onderling aan het discussiëren zijn hoe het allemaal moet. Zo nu en dan komt de uitbater van de camping in zijn elektro karretje het terrein op om aanwijzingen te geven. Het volgende tafereel zou zo in een boek van Tsjechov terecht kunnen komen. Op een stoel in het midden, tussen hun kleine caravan en hun auto, van hun opgeëiste plek van 12 meter zit mevrouw, in haar gele jas, pontificaal met de armen breed houdend te roepen: "Dit is toch echt onze plek!"  Met gemak zou er plaats voor 2 caravans zijn, maar ze vertikken het. Ook het verzoek om hun auto te verplaatsen, weigeren ze ten ene male.

8 uur is het nog niet als we de camping afrijden. Om 6 uur beginnen de eersten al te rijden en dat werkt de vertrekstress in de hand. 7 uur stappen we uit bed, terwijl de wekker ons nog een half uurtje soelaas zou bieden. Tanken en even later draaien we de A6/E15 op, waar het rustig is, zo zonder vrachtwagens.


Ook de wind houdt zich koest, dus is het de 325 km ontspannend rijden op de Peage, dat dan wel weer.


Het is wel zo dat we, zolang we in Frankrijk zijn, nog niet een compleet droge dag hebben gehad.
Dat is geen goed teken voor de drommen caravans die richting het zuiden trekken. Het zijn er zoveel dat het lijkt of er nu in Nederland geen enkele caravan meer rondrijdt. Opvallend is ook dat de verhouding caravan camper, in het voordeel uitvalt van de caravan, waarvan we veel en veel meer tegenkomen.


Als we van de Peage afdraaien, is het alsof we van de hemel in de hel komen. Even wanen we ons in België, zo verschrikkelijk slecht zijn de wegen hier. Het is één grote lappendeken met hier en daar diepe gaten. Dat het achterlicht is blijven hangen mag dan ook echt een wonder heten.


De brug oversteken (Pont-a-Mousson) is altijd weer een lekker gevoel, eigenlijk is dat een beetje thuiskomen, hoe gek het ook klinkt.


Dit is zijaanzicht van de "Pont," die Ali maakt op haar wandeling rond de camperplek.


Ter afsluiting dit insectenhotel, hier aan de Mousson (Moezel). Oh, ja, voor vanavond heeft Ali een tafel gereserveerd in het restaurant hier pal naast ons.


Wie het breed heeft....... (redactie: zuinig en verdiend.)